• x

    klaverweide

    2013

    Klaverweide is een woonproject voor kinderen met een verstandelijke en/of lichamelijke beperking. Het bevindt zich middenin De Draai, een nieuwbouwlocatie in Heerhugowaard. De kleinschalige architectuur sluit met haar baksteen en dakpannen aan bij omliggende bebouwing en heeft een open en toegankelijke uitstraling. De kinderen zijn zo onderdeel van de wijk.

    Verdeeld over vier woongroepen met een eigen woonkamer, keuken en snoezelbadkamer is er plaats voor 16 kinderen. Ieder kind heeft een zelfstandige ruimte tot zijn beschikking om zich terug te trekken, bestaande uit een woondeel, slaapdeel, badkamer, berging en pantry. De keuze voor zowel persoonlijke als gezamenlijke ruimtes sluit aan bij het zorgconcept van Esdégé-Reigersdaal dat naast veiligheid tevens mogelijkheden wil bieden tot (sociale) ontwikkeling.

    Het gebouw heeft met haar H-vorm twee gezichten. Aan de buitenkant bevinden zich de individuele tuinen, aan de binnenkant de patio’s en de gemeenschappelijke entree. De appartementen hebben ieder ook nog een eigen deur. Niet als voordeur voor de kinderen zelf, maar voor de ouders wanneer ze met hun kind samen willen zijn. 

    De heldere plattegrond geeft structuur aan de dagelijkse processen. Tussen de verticale lijnen van de ‘H’ kan voor de deur gespeeld worden. De lange zichtlijnen geven nooit een benauwd, maar juist een ruimtelijk gevoel. Ook de gezamenlijke binnenruimtes zijn breed opgezet en door de vele ramen rondom is er de gehele dag zonlicht in de ruimtes. De binnenhofjes verbinden en geven een gemeenschappelijk gevoel.

    fotografie luuk kramer
  • x

    oranjehuis

    2012

    In opdracht van Blijf Groep hebben wij het ontwerp gemaakt voor de nieuwbouw van het Oranje Huis. Zowel het exterieur, als het kleurrijke interieur van het Blijf van m'n lijf Huis Nieuwe Stijl zijn door het Amsterdamse buro uitgewerkt.

    Het Oranje Huis is gevestigd in een van de twee nieuwe gebouwen aan de Hooftstraat te Alkmaar. In opdracht van Wooncorporatie Woonwaard is de herstructurering van de wijk Oud-Overdie gestart met twee langgerekte woongebouwen, parallel aan de Hooftstraat. De twee gebouwen zijn als een straat ontworpen, en starten aan het begin van de straat met twee woonlagen en eindigt met vier, zo markeert zij het aldaar gelegen toekomstige Sieghelplein.

    In het tweede gebouw is op de kop het algemene deel van het Oranje Huis gevestigd, de hoofdentree, spreekkamers, kantoren en noodkamers. Op de tweede en derde verdieping van het gebouw zijn de woonunits gevestigd voor crisisopvang en begeleid wonen.

    Boven de hoofdentree prijkt in in oranje stalen letters de tekst 'Oranje Huis'. Dit is een goed voorbeeld van de zichtbaarheid en herkenbaarheid van het Blijf van m'n Lijf Huis Nieuwe Stijl. De centrale ontvangsthal is subtiel oranje gekleurd met als centraal punt een witte balie, afgewerkt met foamcoating. Hier omheen zijn de spreekkamers en enkele kantoren gevestigd.

    fotografie jeroen musch
  • x

    de rietvinck

    2009

    Het Amsterdamse woonzorgcentrum De Rietvinck van zorginstelling OrisaGroep is onlangs gerenoveerd en uitgebreid. De Rietvinck is in de jaren tachtig van de vorige eeuw ontstaan door de inzet van actieve buurtbewoners uit stadswijk de Jordaan. Ontwerpuitgangspunten zijn de menselijke schaal en het creëren van huiselijkheid. Een nieuwe woonlaag onder dakkappen en de volledige herinrichting (van het interieur) resulteren in een succesvolle renovatie. De groepswoningen onderscheiden zich in drie stijlen: klassiek Jordanees, modern en volkse chique. De Rietvinck is genomineerd voor de Hedy d'Ancona Prijs 2010 voor excellente zorgarchitectuur, ziewww.hedydanconaprijs.nl.

    De Rietvinck is een van de locaties van opdrachtgever en gebruiker de OsiraGroep aan de rand van de Jordaan. De Rietvinck is in de jaren tachtig van de vorige eeuw ontstaan door een actieve groep buurtbewoners die voor hun ouderen een voorziening in de wijk wilde realiseren. De Rietvinck heeft daardoor van oudsher een buurtgerichte functie. Na de grondige renovatie en uitbreiding van het gebouw biedt het zorg aan veertig ouderen in groepswonen voor ouderen met de ziektebeelden psychegeriatrie en chronische somatiek, 26 zorgwoningen, twee plaatsen voor kortdurend verblijf én dagverzorging voor roze ouderen uit de buurt.

    De structuur van het bestaande gebouw is aangepast naar een meer open structuur. Grote ramen, veel daglicht, overzichtelijke gangen. Vanuit het gebouw is er een continue relatie met de omgeving. Vanuit de huiskamers en appartementen ervaren de bewoners het leven op straat in de Amsterdamse binnenstad. Het bestaande gebouw is opgetopt met een extra verdieping aan de Brouwersgracht en Vinkenstraat. Deze extra verdiepingen zijn vormgegeven als dakkappen en vormen een fraaie beëindiging van de gevels. De appartementen onder de kappen zijn knus en huiselijk en verzachten het massieve karakter van het oude gebouw. De gevels zijn geolied in diverse tinten steeds wisselend per gevelstramien. Het gebouw lijkt te bestaan uit kleinere onderdelen, net als de iedere bewonersgroep uit individuen bestaat.

    De jury van de Hedy d’Ancona Prijs 2010 roemt ondermeer de ontwerpkeuzen voor zadeldaken en oliën. Daarnaast dat de bleke oorspronkelijke baksteen de architectuur devalueerde: “Het exterieur is met (deze) twee gebaren getransformeerd. Het feit dat er een extra verdieping nodig was, stelde Prosman in staat de iele dakrand massa te geven. (..) Intern veranderde de architect het institutionele karakter van De Rietvinck in een open en lichte zorgomgeving.“

    Kleinschaligheid is een middel om de zorgvisie te realiseren; het kleinschalig groepswonen kan de thuissituatie het beste nabootsen. Bij de Rietvinck is gekozen voor een zestal groepswoningen voor zes á zeven cliënten in een omgeving met een diversiteit aan leefstijlen. De woningen onderscheiden zich in drie stijlen – klassiek Jordanees, modern en volkse chique. Het ontwerp is steeds getoetst door een werkgroep van bewoners en medewerkers.

    Het gebouw manifesteert zich als een modern gebouw passend in de Amsterdamse grachtengordel. Het interieur is vooral licht met veel uitzicht naar de omliggende gracht, straat en binnentuin. Het interieur oogt stijlvol door de houten vloeren, het kleurig gebloemd behang en dikke gordijnen in velours. De meubelobjecten opmaat en houten deuren zijn ontworpen als huiselijk onderdeel van het gebouw. Bijzondere aandacht vraagt de inbreng van originele authentieke fauteuilles in de kamers die bij inkopers kriskras door het land zijn verzameld. Elke plek in het gebouw meet zich met de schaal van de gebruiker – rolstoeltoegankelijk, aangename kleurenpatronen, ruime gemeenschappelijke eet- en huiskamers. Het restaurant ontvangt buurtbewoners die hier veelvuldig diner en lunch gebruiken. De structuurverbetering maakt van De Rietvinck een open huis waar activiteiten van buiten af gezien worden.

    Door zijn hernieuwde ongecompliceerde sfeer is De Rietvinck een trekpleister in De Jordaan. Alle ‘bijzondere’ groepen Jordaan bewoners treffen elkaar. Of het nu de thuisloze van het Haarlemmerplein, de yup van de grachtengordel of de rasechte Jordanees is. Iedereen voelt zich gerespecteerd en begrepen. Voor deze diverse gebruikers wil de Rietvinck een thuis zijn met haar aanbod van dagbesteding. Speciaal voor roze ouderen organiseert zij in samenwerking met het coc, de Schorerstichting en het (wibo)-complex L.A. Rieshuis voor homoseksuele ouderen activiteiten en ontmoeting.

    De OsiraGroep en de locatie De Rietvinck wil onderscheidend zijn, samen met het roc Amsterdam heeft zij daarom het Zorgcollege vormgegeven. Daarmee voorziet zij in een kweekvijver voor leerlingen, stagiaires en toekomstige medewerkers. Binnen alle functies in de locatie staat het leren centraal. Medewerkers en cliënten coachen de leerlingen al werkende binnen de diverse opleidingsrichtingen en opleidingsniveaus.

    fotografie jeroen musch
  • x

    25 kamers

    2003

    Voor zorginstelling OsiraGroep in Amsterdam hebben wij vijfentwintig kamers voor minder valide ouderen, verdeeld over vijf verzorgingshuizen, gerenoveerd en opnieuw ingericht. De verzorgingshuizen stammen uit de jaren tachtig van de vorige eeuw. Nu zijn de kamers licht en modern en hebben de bewoners ruimte voor eigen meubelen. Zo kunnen zij sterker dan voorheen een eigen sfeer creëren.

    De kamers hebben een geïntegreerd keukenblok en wandkast die in de loze ruimte naast de badkamer is geplaatst. De badkamer is naar verhouding ruim bemeten. In het ontwerp is deze als een volwaardige ruimte vormgegeven. Door de kast en keuken als één element elders te plaatsen ontstaat extra ruimte in de woonkamer – de bewoners geven aan dat ze hiermee zeer tevreden zijn.

    fotografie jeroen musch
  • x

    de klinker

    2005

    Tekst: Pierijn van der Putt (de Architect, oktober 2006)

    Verzorgingshuizen uit de jaren tachtig voldoen vaak niet aan de normen die tegenwoordig in deze sector worden gehanteerd. In een twintig jaar oud gebouw zijn de woningen verdubbeld in oppervlak en geclusterd tot kleinschalige woongroepen. Het interieur van ineen ontwerp ademt de sfeer van een huiskamer.

    Amsterdam wijkt af van de rest van Nederland in de zin dat de bevolking er verjongt in plaats van vergrijst. Voor verzorgingstehuizen betekent dit dat ze in een concurrentieslag verzeild raken. Dit dwingt hen tot een herbezinning over de te voeren strategie. Zorgverlener OsiraGroep hoopt haar positie te verbeteren door te investeren in de architectuur van zijn gebouwen.

    Architect Marc Prosman zag zich geconfronteerd met nieuwe normen en inzichten in de zorgsector: geclusterde eenheden voor patiënten in de psychogeriatrische zorg en dubbelgrote appartementen voor zelfstandig wonende ouderen. Prosman heeft daartoe handig gebruik gemaakt van de beperkingen en de mogelijkheden van de oude structuur.

    De eerste en derde verdieping zijn ingericht voor psychogeriatrische zorg. Hier wonen mensen die dement zijn en niet meer zelfstandig kunnen leven. De verdiepingen zijn georganiseerd in clusters van zes woningen. De bewoners van een cluster delen de keuken, de eetkamer en de woonkamer. Deze gemeenschappelijke ruimtes bevinden zich aan de kant van de binnentuin terwijl de woningen overwegend zijn georiënteerd op het oosten. De verspringingen in de gangen markeren de overgang van de ene cluster naar de andere.

    Het integraal tot stand gekomen interieur van Ineen ontwerp speelt een belangrijke rol in het streven om de verschillen van de bewoners zichtbaar te maken. De bouwkundige ingreep van Marc Prosman, die bestaat uit het openbreken en met elkaar verbinden van drie beuken tot keuken, eetkamer en serre, beantwoordt de interieurontwerper met het creëren van langzame overgangen. De en suite kasten die de eetkamer scheiden van de gang dragen bij aan een gedifferentieerde woonomgeving. De kamers zijn zelf klein. Ze omvatten niet meer dan een woonkamer annex slaapruimte en een bad. Een klein aanrecht maakt het mogelijk water te tappen. De badkamer is ingericht op de draaicirkels van rolstoelen en ziekenhuisbedden. Dat de opening naar de badkamer in het halletje is ondergebracht betekent een kleine maar belangrijke aanpassing van de standaardplattegrond. Het bed kan nu namelijk tegen de wand van de badkamer worden aangeschoven waardoor er meer ruimte overblijft om de woonkamer en slaapkamer in te richten met andere meubels.

    De tweede verdieping bevat appartementen voor ouderen die zelfstandig kunnen wonen. De appartementen zijn dubbelgroot ten opzichte van de oorspronkelijke eenheden, die twee aan twee zijn samengetrokken tot woningen met een eenvoudige keuken, een woonkamer, een slaapvertrek en een badkamer. Op deze verdieping bevinden zich geen gemeenschappelijke ruimtes; de bewoners begeven zich op eigen kracht naar de algemene functies op de begane grond, zoals de fitnessruimte, de receptie en het restaurant.

    De voornaamste ingreep van marc prosman architecten hier is de gesloten gevel open te breken en te voorzien van grote ramen. Passanten en gebruikers krijgen zod0ende zicht op elkaar, waardoor het gebouw en zijn functie sterker verbonden raken met het weefsel van de stad. Het interieur van de begane grond is bedoeld om zowel bezoekers als bewoners de associatie met een hotel te geven. De bezoekers voelen zich ‘ontvangen’, terwijl de meer openbare sfeer de bewoners het idee geeft dat ze er al even uit zijn.

    fotografie jeroen musch
  • x

    bornholm

    2011

    Verpleeghuis Bornholm wil verpleeghuiszorg verstrekken van hoge kwaliteit. Verschillende hulpverleners, ieder met kennis en kunde op zijn eigen vakgebied, zorgen met elkaar voor optimale hulp, verzorging of verpleging. Daarbij tonen zij respect voor de levenswijze van de client en stemmen zij af op diens wensen en behoeften.